Hét platform voor en over Amsterdam Zuid!

LEKKER PROOSTEN MET RENÉ MIOCH

 Gepubliceerd op: 4 juli 2019

Als je aan de rode loper denkt, denk je aan grote filmsterren, Hollywood, superchique jurken, strakke maatpakken, mooie limo’s, en… René Mioch! Deze bekende Zuid-bewoner hield op zijn vijftiende al een microfoon onder de neus van diverse beroemdheden en doet dit tot op de dag van vandaag nog steeds met veel plezier!

 

We ontmoeten René in Sweelinck, een gezellig buurtcafé om de hoek bij zijn huis aan het Sarphatipark. René komt hier vaker. Dat merk je aan de manier waarop het personeel en de voorbijgangers uit de buurt hem aanspreken. Met een vrolijke glimlach op zijn gezicht begroet hij ons en geeft hij ons een hand. Dezelfde hand die hij al eerder schudde met George Clooney, Julia Roberts en Hugh Grant, om maar een paar namen te noemen van de vele iconen die hij ontmoet heeft…

 

Je bent geboren in Waalwijk, hoe ben je in Amsterdam-Zuid terecht gekomen?

“Mijn vader was een Hagenaar en mijn moeder was Amsterdamse. Ik kwam hier bijna elk weekend op familiebezoek. Ik kende Amsterdam dus eigenlijk net zo goed als Brabant. Ik heb denk ik wel een stukje van die Brabantse gezelligheid meegekregen. Dat zat ook in de familie hoor, maar ik ben blij dat ik mijn jeugd in Brabant heb gehad. Daarna heb ik mijn middelbare school in Amsterdam gedaan en ben ik hier gebleven. Toen heb ik nog twintig jaar in het Gooi gewoond, maar sinds twaalf jaar woon ik nu lekker aan het Sarphatipark.”

 

Wat maakt het zo’n fijne plek om te wonen?

“Ja, Zuid is echt net een dorp, hè. Als ik lang ben weggeweest en ik loop over de markt, dan vragen mensen: goh, ben je weer terug? Toen ik hier net woonde, vond ik dat heel raar. Word je dan zo in de gaten gehouden? Maar nu ervaar ik het veel meer als iets dorps. Het leuke van deze buurt vind ik ook dat je er alle leeftijden tegenkomt. De ene plek zit vol jongelui, haast alsof je op een klassenavond terechtgekomen bent. In de volgende tent kun je het gevoel krijgen een verzorgingstehuis binnen te stappen. Die variëteit en ook de culturele verschillen, maken het prettig wonen. Hier in de buurt zit bijvoorbeeld een moskee en precies om de hoek zit Babette Labeij met haar zangschool. Het zijn allemaal zulke verschillende werelden dicht bij elkaar. Heel gezellig.”

 

Op welke plekken in Zuid kom je graag?

“Onder andere hier bij Sweelinck. Voorheen toen het Jeffrey’s heette, kwam ik er al. In het begin dat ik hier kwam wonen, dacht ik: dat is niets voor mij. Heel oud-Amsterdams. Ik dacht dat het meer de vaste stamkroeg voor de marktverkopers was. Totdat ik een keer naar binnen liep en dacht: ah wat gezellig eigenlijk. Ik leerde de mensen van de markt kennen en die zijn super gastvrij. Die gaan vervolgens rond 20.00 uur naar huis en dan komen de studenten. Je weet uiteindelijk allemaal wat er gebeurt en hoe het met iedereen gaat, dat vind ik heel leuk. Je let ook een beetje op elkaar. Verder vind ik Brut de Mer een ongelooflijke plek. De jongens die het doen, zijn echte ondernemers! Brut de Mer is voor mij Zuid-Frankrijk in De Pijp. Daarnaast kom ik graag bij restaurant Vamos a Ver. Ik ga altijd op vakantie naar Spanje en ben gek op tapas en Spaans eten. Het wordt gerund door een echtpaar, Connie en Juan, en zij vormen een geweldige combinatie. Bovendien serveren ze fantastisch eten, dat is toch waar het om draait. Het Libanese restaurant Artist vind ik ook te gek. Je zit daar weer in een heel andere wereld. Hier ontmoet ik mijn vrienden uit Libanon en vrienden vanuit de omroep.”

 

Een beetje op vakantie in eigen buurt!

“Ja, dat vind ik soms weleens lastig. Dan zit ik met de balkondeuren open en dan hoor ik inderdaad vakantiegeluiden: de geluiden van de omliggende terrassen in de buurt. Dan is het zo verleidelijk om toch even naar buiten te gaan. En dat gebeurt dan natuurlijk ook vaak… Ook als ik naar de Albert Heijn ga, dan moet ik langs al die mensen om ze gedag te zeggen en de verleiding om erbij te gaan zitten is dan heel groot. Mijn dochter zegt weleens dat ik ook gewoon een blokje om kan lopen naar de supermarkt. Haha!”

 

 

Zie je jezelf ooit nog ergens anders wonen dan in Zuid?

“Goeie vraag! Daar is nu geen enkele aanleiding toe. Ik woon hier aan dit prachtige park wat zó mooi is. Zuid ooit uit? Ik kan het me bijna niet voorstellen!”

 

Je wilde ons deze felrode cocktail laten proeven vandaag. Wat is het verhaal daarachter…

“Nou, dat is heel leuk! Ik zit al jaren bij het Genevergenootschap van Nederland. Ik ben ambassadeur en met de club willen we jenever van het stoffige oude-mannen-drankje-imago afhelpen. Dit jaar gaven ze vanuit het genootschap enkele ambassadeurs een eigen cocktail cadeau, op basis van jenever. Ik was nauw betrokken bij de samenstelling en na veel proeven en verbeteren is dit het resultaat. In eerste instantie zou het een variant op mijn naam krijgen. Iets van Miochito ofzo, maar met zo’n dieprode kleur en mijn achtergrond vond ik Little Red Carpet veel passender! Jullie zijn trouwens de eersten die hem proeven trouwens. Het is een lichte cocktail geworden. Dat moet ook wel als je niet over de rode loper wilt gaan zwalken. Je zou haast niet proeven dat er jenever in zit hè?”

 

>> Het artikel gaat verder onder de advertentie <<

>> vervolg artikel <<

 

Een primeur voor ZOZ dus! Hij smaakt lekker fris! Die rode loper is symbolisch voor jouw carrière. Droomde je er als kleine jongen al van dit carrièrepad te bewandelen?

“Ik wist altijd al dat ik zou gaan interviewen. Dat heb ik in mijn jonge jaren dan ook gedaan voor de schoolkrant en de Amsterdamse Ziekenomroep. Mijn kinderen zijn daar soms wel jaloers op. Ik heb nooit een periode gehad in mijn leven dat ik niet wist ik wat ik wilde, want ik deed het al! Ik heb altijd kunnen doen waar ik van hield, waar mijn passie lag. Hoofdzakelijk omdat ik de uitdaging leuk vind om een gesprek met iemand aan te gaan. Om als een soort tussenpersoon te fungeren. One handshake away, zeggen ze weleens. Dat iemand vraagt hoe is Julia Roberts nou in het echt? En dat ik daar dan een mening over kan hebben, omdat ik haar toevallig ontmoet heb. Dat element van ertussen zitten en verslag doen van iets dat voor anderen niet bereikbaar is, daar heb ik altijd van genoten.”

 

René Mioch

 

Hoe is die carrière uiteindelijk van de grond gekomen?

“Ik ben natuurlijk wel geholpen door mensen om te kunnen doen wat ik nu doe. Zo is er een buurman geweest, die wist dat ik geïnteresseerd was in film. Op een gegeven moment zei hij: ‘We gaan met de auto naar het filmfestival in Cannes. Als je zin hebt, ga je mee.’ En dat deed ik. Met een bandrecorder op zak heb ik mij daar aangemeld als Dutch Radio, ik werkte namelijk voor een Amsterdamse Ziekenomroep. Toen heb ik daar als jonge jongen Mel Gibson en Jack Nicholson op straat geïnterviewd! Gewoon door erachter aan te gaan en mijzelf voor te stellen. Dat moment is heel belangrijk voor mij geweest. Toen zag ik dat het kon. Dat je helemaal niets hoeft te zijn en dan toch bij die mensen terecht kunt komen. Uiteindelijk ben ik van de Amsterdamse Ziekenomroep bij de omroep terecht gekomen en is het balletje verder gaan rollen.”

 

Je ontmoet al ruim dertig jaar de meest grote sterren. Hoe is dat?

“Ik doe dit werk al zo lang en dat betaalt zich inmiddels ook wel terug. Ik ben bijna de enige die daar al zo lang staat. Als ze je kennen, komen ze vaak toch sneller naar je toe. Mensen als George Clooney, Hugh Grant, Emma Thomspon, Julia Roberts… dat zijn mensen die ik zo vaak geïnterviewd heb. Soms mogen ze of kunnen ze niet, maar door de jarenlange band die ik met hen heb opgebouwd vinden ze het ook niet kunnen om mij voorbij te lopen. En het weerzien is altijd leuk! Op mijn verjaardag zit verder niet heel Hollywood hoor. Vriendschap is een groot woord. Het is en blijft gewoon werk.”

 

 

Tekst: Jeffrey Struijk

Beeld: Davien Hulsman

 

Gedeeld

verder lezen